Windschaal van Beaufort
Eén van de eerste schalen om de wind op zee te kunnen inschatten werd ontworpen door de Engelse Admiraal Sir Francis Beaufort (1774-1857). Hij ontwierp deze windschaal in 1805 om zodoende zeelui de wind d.m.v. visuele waarneming de kracht van de wind te kunnen schatten. De schaal is ontworpen zowel voor op land als voor op zee en kent 13 schaaldelen ( 0 t/m 12).

Windkracht wordt alleen gebruikt om de gemiddelde wind aan te geven, NIET om de kracht van windstoten uit te drukken.

Welke schaal wilt u gebruiken?

    voor op land voor op zee

SCHAAL VAN BEAUFORT:

voor op land
KRACHT WINDSNELHEID OMSCHRIJVING KENMERKEN OP LAND
(10 m boven de grond)
m/sec. knopen
0 0.0-0.2 0-1 Stil windstil; rook stijgt vrijwel recht omhoog
1 0.3-1.5 1-3 Zwak te zien aan rook, sommige blaadjes bewegen
2 1.6-3.3 4-6 Zwak voelbaar in gelaat; bladeren ritselen
3 3.4-5.4 7-10 Matig bladeren en kleine twijgen constant in beweging
4 5.5-7.9 11-16 Matig stof en losse papiertjes worden opgewaaid; kleine takken bewegen
5 8.0-10.7 17-21 Vrij krachtig kleine takken en bomen beginnen te zwaaien; kleine kuifjes op golven op binnenwateren.
6 10.8-13.8 22-27 Krachtig grote takken in beweging; vaak gefluit te horen; paraplu's worden moeilijk hanteerbaar.
7 13.9-17.1 28-33 Hard hele bomen in beweging; lopen tegen de wind in wordt moeilijk.
8 17.2-20.7 34-40 Stormachtig twijgen breken af van de bomen; lopen en fietsen wordt erg moeilijk
9 20.8-24.4 41-47 Storm takken breken af; lichte schade aan gebouwen (dakpannen waaien soms af).
10 24.5-28.4 48-55 Zware storm zelden in het binnenland; bomen worden ontworteld; grotere materiële schade.
11 28.5-32.6 56-63 Zéér zware storm zéér zelden boven land; veel schade op grote schaal.
12 > 32.6 > 63 Orkaan(kracht) zéér verwoestend en zéér gevaarlijk boven land; zéér zeldzaam

    Gebruik op zee

SCHAAL VAN BEAUFORT:

voor op zee
KRACHT WINDSNELHEID OMSCHRIJVING KENMERKEN OP ZEE
(10 m boven de grond)
m/sec. knopen
0 0.0-0.2 0-1 Stil spiegelgladde zee; vrijwel vlak
1 0.3-1.5 1-3 Zwak zee is geschubd en kabbelt
2 1.6-3.3 4-6 Zwak korte, niet brekende golfjes; licht golvend
3 3.4-5.4 7-10 Matig golftoppen breken; glasachtig schuim en licht golvend
4 5.5-7.9 11-16 Matig vrij veel schuimkoppen; matig golvend
5 8.0-10.7 17-21 Vrij krachtig overal schuimkoppen; vrij lange golven
6 10.8-13.8 22-27 Krachtig vrij veel opwaaiend schuim; aanschietende zee
7 13.9-17.1 28-33 Hard witte schuimstrepen in de windrichting; wilde zee
8 17.2-20.7 34-40 Stormachtig matig hoge golven met lange kammen; toppen waaien af, schuimstrepen en hoge zee
9 20.8-24.4 41-47 Storm hoge golven, rollers, zware schuimstrepen; hoge zee
10 24.5-28.4 48-55 Zware storm zéér hoge golven met overstortende kammen, zware rollers; grote oppervlakten schuim; zéér hoge zee
11 28.5-32.6 56-63 Zéér zware storm golven zo hoog, middelgrote schepen verliezen elkaar tijdelijk uit het oog; zee bedekt met schuim; lucht gevuld met verwaaid schuim en water; buitengewoon hoge en woeste zee
12 > 32.6 > 63 Orkaan(kracht) zicht zéér beperkt; zee volkomen wit en buitengewoon hoog en wild

De omschrijvingen bij kracht 1 t/m 6 worden door zeelui soms nog met de oude term aangeduid:
1=flauw en stil; 2=flauwe koelte; 3=lichte koelte; 4=matige koelte; 5=frisse bries; 6=stijve bries.